DocuFoto

Inleiding Module Documentaire Fotografie

Documentaire fotografie volgens Wikipedia is fotografie die de werkelijkheid documenteert. Het is een vorm van fotografie waarin foto's gemaakt worden om het bestaan van iets vast te leggen als tijdsdocument.

In deze module zullen ‘jij en het Boni’ het uitgangspunt zijn. De eerste vier bijeenkomsten krijg je veel werk van bekende fotografen te zien en daarna ga je een uur ‘op fotosafari’. Iedere keer behandelen we een ander thema.

De vijfde en laatste keer maak je een digitaal fotoalbum , waarbij je ook nadenkt over lay -out en tekst. Samen kiezen we dan het fotoalbum dat als inspiratiebron gaat dienen voor de architect die ons nieuwe gebouw gaat ontwerpen. Eén of meer van de fotoalbums zal gedrukt worden.

Los van de modules op dinsdagmiddag, vraag ik van je dat je ook op de andere momenten met een ander oog om je heen kijkt en sterke beelden probeert te fotograferen.

In dit fotoalbum worden alle foto’s verzameld.

  


Boekentip: Er zijn ontzettend veel boeken over het maken van foto’s geschreven. Zelf vind ik de boekjes van Henry Carrol erg goed. De toon is helder, begrijpelijk en relativerend. Hij geeft mooie voorbeelden van bekende fotografen en eenvoudige technische tips. Van hem gebruik ik veel citaten, zoals

Geweldige foto’s maken heeft minder te maken met technische kennis en veel meer met een goed gebruik van het waardevolste onderdeel van je uitrusting: je ogen.

 of

 Regel één: negeer alle regels


Ik wens je heel veel kijkplezier deze module.

Bernadette Herber


Eerste bijeenkomst Docufoto: Ik en het Boni

Het maken van een zelfportret zal niet erg nieuw voor je zijn. Er zijn mensen die wel 100 selfies per dag maken. Dat kan interessant zijn, vooral als je daar een serie van gaat maken en onderzoekt hoe die selfies in de loop der tijd veranderen. Niet alleen hoe je uiterlijk steeds een andere vorm krijgt, maar ook de manier waarop je die selfie maakt, hoe je kijkt, in hoeverre je filters gebruikt of juist niet enz.

Kunstenaars maken zelfportretten om zichzelf te onderzoeken en geven  jou een kijkje in hun innerlijk. Een directere kunstvorm bestaat niet: dichter bij zichzelf komt een kunstenaar niet en als kunstkijker is er geen grotere intimiteit tot de maker van het portret mogelijk.

Het zelfportret is een momentopname waarmee de kunstenaar jou toont hoe hij of zij zichzelf ziet en vooral, hoe hij of zij gezien wil worden.

Namen van fotografen wiens werk je deze bijeenkomst te zien krijgt: Vivian Maier, Richard Avedon, Annie Leibovitz, Eva Besnyo, JR, Stefan van Fleeteren. Ed van der Elsken

Opdracht: Ga 45 minuten alleen de school in en maak niet meer dan 15 foto’s over jezelf en het Boni in de volgende situaties: a. Met het thema spiegeling/reflectie of schaduw. b. Op een plek die je als heel prettig ervaart. c. Op een plek die je verschrikkelijk vindt. Zorg ervoor dat bij de ze foto’s de omgeving dus ook te zien moet zijn. Bewaar deze in een fotoalbum dat je FotoDocuBulk noemt.

Terug in het lokaal kies je van iedere situatie  één foto uit. Die zet je in je in een album dat je FotoDocuSelectie noemt. Je mag deze foto’s bewerken. Een beetje bijsnijden mag, maar let op dat ze (als je ze af zou drukken) in kwaliteit achteruit gaan. Als kleur niet belangrijk is, kan zwart wit een goede keuze zijn.


                   


Tweede bijeenkomst Docufoto: De mensen en het Boni


Vorige keer ging het over de vraag ‘wie ben ik’. Deze vraag is minstens zo belangrijk wanneer je foto’s van andere mensen gaat maken. De beste fotografen vertellen ons niet alleen iets over de mens op de foto, maar ook over de mens achter de camera.

‘Maak geen foto’s van mensen. Maak foto’s over mensen.’ (Henry Carrol)

We beginnen dan ook de les met het voorstellen van  jezelf met de foto’s die de vorige keer zijn gemaakt.

Ik laat je een aantal foto’s van bekende fotografen zien. Deze beelden tonen dat een fotograaf net als een schilder een ‘eigen handschrift’ kan ontwikkelen.

De volgende fotografen komen langs:

Ed Clark, Kitajima, Helen Levitt, Zed Nelson, Anton Corbijn, Richard Renaldi, Ritzo ten Kate en Rineke Dijkstra .

 Opdracht: Ga 45 minuten samen met iemand die je niet zo goed kent  de school in en zoek een plek waar je tijdens de leswisseling van het 7e en 8e uur medeleerlingen of docenten kan fotograferen. Denk na over het standpunt, over het licht en wat je duidelijk wil maken. Maak hier niet meer dan 10 foto’s van. Ga vervolgens met je naar de plekken waar je de vorige keer geweest bent. Maak een foto op een onaangename plek en op een fijne plek. Laat door middel van het licht, van de compositie zien wat voor sfeer deze plek moet uitstralen. De gezichtsuitdrukking en lichaamshoudingmoet neutraal zijn. Bewaar deze in een fotoalbum dat je FotoDocuBulk noemt.

Terug in het lokaal kies je van iedere situatie  één foto uit. Die zet je in je in een album dat je FotoDocuSelectie noemt. Je mag deze foto’s bewerken. Een beetje bijsnijden mag, maar let op dat ze (als je ze af zou drukken) in kwaliteit achteruit gaan. Als kleur niet belangrijk is, kan zwart wit een goede keuze zijn.

      

Derde bijeenkomst Docufoto: Het gebouw en het Boni

De eerste twee keren ging het over de vraag ‘wie ben ik en wie zijn de mensen’. Vandaag gaat het over de plek waar je vijf dagen per week bent. Het gebouw tonen door jouw ogen. Over een paar jaar is het misschien verdwenen of grondig gerenoveerd. Dan worden jouw foto’s een geschiedenisverhaal. Hoe zag jouw school er uit. Waar zal je later met weemoed aan terugdenken, waaraan met weerzin?

‘Maak geen foto’s van het gebouw. Maak foto’s over het Bonihuis.’

We beginnen de les weer met een terugblik op de foto’s die vorige keer zijn genomen.

Ik laat je weer een aantal foto’s van bekende fotografen zien. Hiermee laat ik zien dat het zoeken naar visuele,- horizontale - en verticale lijnen, kadrering, ritme en het nadenken over standpunten je kunnen helpen een sterke foto te maken.

De volgende fotografen komen langs:

Bert Dancaert, Cathy Ryan, Henry Cartier Bresson, Julius Shulman, Tim Hetherington en Tunbjörk

 

 

Opdracht: Ga 45 minuten ALLEEN  de school in en zoek drie plekken waar je je verhaal over wil vertellen. Denk na over het standpunt, over het licht en wat je duidelijk wil maken. Maak weer een foto op een onaangename plek en op een fijne plek. Laat door middel van het licht, van de compositie zien wat voor sfeer deze plek moet uitstralen.

Zoek ook naar lijnen, denk na over het formaat (staand/liggend), je camera standpunt en let op de verticale en horizontale lijnen. Bewaar de foto’s in je FotoDocuBulk map.

Terug in het lokaal kies je drie foto’s uit. Die zet je in je in een album dat je FotoDocuSelectie noemt. Je mag deze foto’s bewerken. Een beetje bijsnijden mag, maar let op dat ze (als je ze af zou drukken) in kwaliteit achteruit gaan. Als kleur niet belangrijk is, kan zwart wit een goede keuze zijn.

     


                          

Opstelling Open Dag

Vierde bijeenkomst: Het Boni Ingezoomd

Na de mensen en het gebouw ga je nu nog beter kijken naar dingen waar je ongemerkt aan voorbij gaat. Je merkt ze pas op als je stopt met kijken en gaat zien.

Wanneer je kijkt, zie je nog niet.

Wanneer je ziet, word je geraakt.

Willem Hussink

Een flesje dat door iemand achteloos is weggegooid, een liefdesverklaring in een tafeltje gekrast, kauwgum onder een tafel, een vierkante centimeter van een beschilderd kluisje, een eenzame handschoen op de grong van de fietenstalling... Ze kunnen allemaal een verhaal vertellen.

We beginnen de les weer met een terugblik op de foto’s die vorige keer zijn genomen.

Ik laat je ook weer aantal foto’s van bekende fotografen zien. Een belangrijke techniek bij het maken van close-ups is het spelen met de scherptediepte. Bij een fotocamera zorg je dat het diafragma groot is. Met je Ipad of telefoon heb je daar iets minder invloed op, maar kan je een eind komen door op je scherm te tikken waar je het scherp wilt hebben. Natuurlijk kan je hier ook speciale apps voor downloaden.

De volgende fotografen komen langs:

John Gossage, Slinkachu, Jeff Wall, Stefan van Fleeteren, Lotte Jacobi, Imogen Cunningham

Opdracht: Ga 45 minuten ALLEEN  de school in op zoek naar de schoonheid van het kleine. Denk na over het standpunt, over het licht en wat je duidelijk wil maken. Ook het scherpstellen op een bepaald punt is hier heel belangrijk. Maak weer een foto op een onaangename plek en op een fijne plek. Probeer een onderwerp te vinden, dat een verhaal lijkt te vertellen.

 Bewaar de foto’s in je FotoDocuBulk map.

Terug in het lokaal kies je drie foto’s uit. Die zet je in je in een album dat je FotoDocuSelectie noemt. Je mag deze foto’s bewerken. Een beetje bijsnijden mag, maar let op dat ze (als je ze af zou drukken) in kwaliteit achteruit gaan. Als kleur niet belangrijk is, kan zwart wit een goede keuze zijn.

Voor de volgende keer: Download de fotoalbum app van CEWE.

 

Slinkashu

Lotte Jacobi

 

Imogen Cunningham